Vitamine D

Vitamine E tocoferolen vs tocotrienoïden: niet alle E is hetzelfde

Redactie Redactie
· · 4 min leestijd

Je koopt een flesje vitamine E uit de apotheek, denk je dat je de juiste keuze hebt gemaakt, en dan lees je dat er twee vormen zijn: tocoferolen en tocotrienoïden. En dat die twee best wel wat van elkaar verschillen.

Inhoudsopgave
  1. Wat is vitamine E eigenlijk?
  2. Tocoferolen: de bekende held
  3. Tocotrienoïden: de onderbelichte speler
  4. Wat zit er in jouw supplement?
  5. Mijn praktische aanpak
Inhoudsopgave
  1. Wat is vitamine E eigenlijk?
  2. Tocoferolen: de bekende held
  3. Tocotrienoïden: de onderbelichte speler
  4. Wat zit er in jouw supplement?
  5. Mijn praktische aanpak

Ja, ook ik vond het verwarrend. Maar het is eigenlijk best logisch als je het een keer begrijpt.

Wat is vitamine E eigenlijk?

Vitamine E is geen stof. Het is een groep van acht verschillende verbindingen.

Die zijn weer onderverdeeld in twee families: de tocoferolen en de tocotrienoïden. Elke familie heeft vier varianten — alfa, bèta, gamma, delta. Maar in de praktijk draait het bijna altijd om één: alfa-tocoferol.

En dat is precies waar het misgaat. De meeste supplementen bevatten alleen alfa-tocoferol.

Vaak in de vorm van DL-alfa-tocoferol — de synthetische versie. Die is goedkoper te produceren, dus die zie je overal.

Maar het lichaam herkent de natuurlijke vorm (D-alfa-tocoferol) beter en houdt die ook langer vast. Laboratoriumonderzoek laat zien dat de natuurlijke vorm bijna twee keer zo actief is als de synthetische. Dus als je een flesje pakt met "400 IE vitamine E", vraag je echt af: welke vorm zit erin?

Tocoferolen: de bekende held

Tocoferolen zijn de meest bestudeerde vorm van vitamine E. Ze werken vooral als antioxidant — ze beschermen celmembranen tegen schade door vrije radicalen.

Dat is geen klein ding. Celmembranen zijn vetachtig, en juist daar doen tocoferolen hun werk.

Alfa-tocoferol is de vorm die het lichaam het meest vasthoudt. Er is zelfs een specifiek eiwit in de lever — het alfa-tocoferoltransfer-eiwit — dat ervoor zorgt dat juist deze vorm wordt bewaard. De andere tocoferolen worden sneller afgebroken.

Dat klinkt logisch, maar het betekent ook dat je door alleen alfa-tocoferol te nemen de andere vormen uit je systeem verdrijft. Wat me opvalt is dat veel mensen denken: meer is beter, net zoals ze dat vaak doen bij een krachtige universele antioxidant.

Maar bij vitamine E geldt precies het tegenovergestelde. Hoge doses alfa-tocoferol — boven de 400 IE per dag — kunnen juist schadelijk zijn. Er zijn studies die een verhoogd sterfterisico bij langdurig hoge inname laten zien. Niet dramatisch, maar genoeg om er niet luchtig over te doen.

Tocotrienoïden: de onderbelichte speler

Nu wordt het interessanter. Tocotrienoïden zijn minder bekend, maar de wetenschap eromheen groeit snel.

Ze hebben een iets andere chemische structuur — kortere zijketens — waardoor ze zich beter kunnen bewegen door weefsels. Ze dringen dieper cellagen in. Dat klinkt technisch, maar het betekent dat ze op plekken kunnen komen waar tocoferolen minder goed werken.

Gamma- en delta-tocotrienoïden lijken krachtige anti-inflammatoire eigenschappen te hebben. Er is onderzoek — nog wel preklinisch, dus voorzichtigheid is geboden — dat suggereert dat ze, net als natuurlijke stoffen zoals quercetine, een rol spelen bij het remmen van bepaalde signaalroutes in cellen die betrokken zijn bij chronische ontstekingen.

Dat is geen klein ding als je weet dat chronische ontsteking een basis is voor veel moderne ziekten. Eerlijk gezegd vind ik dit het meest boeiende deel van het vitamine E-verhaal. De meeste mensen — en ook veel professionals — denken nog steeds in termen van "vitamine E = alfa-tocoferol". Maar die benadering is te simplistisch.

Wat zit er in jouw supplement?

Kijk eens naar je huidige vitamine E-supplement. Staat er "mixed tocoferolen"? Of alleen "DL-alfa-tocoferol"?

Dat laatste is de synthetische single-vorm. De eerste is beter, maar bevat meestal nog steeds geen tocotrienoïden. Producten met tocotrienoïden zijn moeilijker te vinden en duurder. Ze worden vaak gewonnen uit palmolie of rijstkiemolie.

Merken als Now Foods en Life Extension hebben ze in hun assortiment, maar je moet goed zoeken. En let op de dosering — tocotrienoïden werken al lagere concentraties, dus je hebt geen mega-doses nodig.

Dat vind ik trouwens het lastige van deze markt: de informatie op etiketten is vaak onvoldoende.

Je ziet een hoog IE-getal en denkt dat het goed is, maar je weet niet welke vormen erin zitten of in welke verhouding. Net als bij vitamine D — de claim is makkelijker te maken dan de inhoud te garanderen.

Mijn praktische aanpak

Als je één ding meeneemt uit dit artikel: kies geen standaard DL-alfa-tocoferol.

Kies voor een product met mixed tocoferolen uit natuurlijke bron, bij voorkeur aangevuld met tocotrienoïden. De dosis hoeft niet hoog te zijn — 100 tot 200 IE per dag is voor de meeste volwassenen ruim voldoende. En neem het bij een maaltijd met vet. Vitamine E is oplosbaar in vet, zonder vet komt er vrijwel niets in je bloed, net zoals bij ondersteuning voor je hart en energie.

Een handje noten, wat avocado, een scheutje olijfolie — meer heb je niet nodig. Vitamine E is geen simpel supplement.

Het is een complexe groep verbindingen die elk hun eigen rol spelen.

En als je het serieus neemt, verdient het om het juiste product te kiezen. Niet het goedkoopste, niet het met de hoogste claim — maar het meest complete.


Redactie
Redactie
✓ Geverifieerd auteur ✓ Vitamine D
Redactie
Redactie

Meer over Vitamine D

Bekijk alle 195 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Adaptogenen voor sporters: prestatie, herstel en cortisol regulatie
Lees verder →